Beginpagina Hoofdstuk III. Beleggingsinstellingen uit andere lidstaten die onder de toepassing van de richtlijn vallen
De partners van deze website verlenen juridische en zakelijke diensten aan zowel Nederlandse als Internationale ondernemingen. Business Legal Consultancy vormt een marketing- en communicatieverlengstuk van de partners voor het verlenen van juridisch en zakelijk advies alsmede bijstand aan nationaal en internationaal opererende bedrijven.

Hoofdstuk III. Beleggingsinstellingen uit andere lidstaten die onder de toepassing van de richtlijn vallen

Hoofdstuk III. Beleggingsinstellingen uit andere lidstaten die onder de toepassing van de richtlijn vallen

Artikel 17

1. Onze Minister doet aan de beheerder die zijn zetel in een andere lidstaat heeft en die voor de eerste maal, direct of indirect, zijn werkzaamheden in Nederland wil uitoefenen, zodra Onze Minister hiervan in kennis is gesteld door het bevoegde gezag van de lidstaat van herkomst en de opgave van de voorgenomen activiteiten en diensten van de beheerder heeft ontvangen, mededeling van de voorwaarden waaraan de beheerder met het oog op een adequate werking van de financiële markten en de positie van de belegger op die markten moet voldoen.

2. Indien Onze Minister door het bevoegde gezag van de lidstaat van herkomst in kennis wordt gesteld van wijziging van het in het eerste lid bedoelde voorgenomen activiteiten en diensten deelt hij, indien van toepassing, wijzigingen of aanvullingen van de in het eerste lid bedoelde voorwaarden mede aan de beheerder.

Artikel 17a

1. Een beheerder die zijn zetel in een andere lidstaat heeft en overigens voldoet aan artikel 6, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, doet aan Onze Minister en het bevoegde gezag van de lidstaat van herkomst mededeling van zijn voornemen zijn rechten van deelneming in Nederland aan te bieden.

2. Bij de mededeling legt de beheerder over:

a. een verklaring van het bevoegde gezag van de lidstaat waar zijn zetel is gevestigd dat de beheerder voldoet aan de voorwaarden van de richtlijn;

b. zijn statuten of reglementen;

c. zijn prospectus;

d. zijn vereenvoudigde prospectus;

e. gegevens over de beoogde wijze van informatieverschaffing, van verhandeling van, uitkeringen op alsmede inkoop van of terugbetaling op rechten van deelneming in Nederland;

f. in voorkomend geval zijn laatste jaarrekening en halfjaarcijfers.

3. De beheerder, bedoeld in het eerste lid, stelt in de Nederlandse of een andere door Onze Minister goedgekeurde taal de gegevens en bescheiden beschikbaar, die hij openbaar dient te maken overeenkomstig de regels, gesteld door de lidstaat van herkomst.

4. Twee maanden na de mededeling bedoeld in het eerste lid, kan de beheerder overgaan tot verhandeling van zijn rechten van deelneming, tenzij Onze Minister voordien heeft bekendgemaakt:

a. dat de voornemens, bedoeld in onderdeel d van het tweede lid, niet in overeenstemming zijn met toepasselijke Nederlandse wettelijke bepalingen; of

b. dat de beoogde wijze van verhandeling in strijd is met wettelijke voorschriften die betrekking hebben op het niet door de richtlijn bestreken gebied.

5. Artikel 10, onder b, is van overeenkomstige toepassing op de in het eerste lid bedoelde beheerder.

6. De beheerder, bedoeld in het eerste lid, dient, met inachtneming van toepasselijke Nederlandse wettelijke bepalingen, zorg te dragen voor de uitkeringen op, de inkoop van of terugbetaling op de rechten van deelneming in Nederland alsmede voor de verschaffing van de informatie die de beheerder in Nederland moet verstrekken.

7. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ten aanzien van reclame-uitingen.

8. Onze Minister kan een beleggingsmaatschappij die niet wordt beheerd door een beheerder en die in strijd handelt met een voorschrift als bedoeld in het eerste tot en met zevende lid, verbieden in Nederland zijn rechten van deelneming aan te bieden of regels stellen aan het aanbieden van deze rechten.

9. Van een besluit op grond van het achtste lid doet Onze Minister onverwijld mededeling aan het bevoegde gezag in de lidstaat van herkomst alsmede aan het bevoegde gezag in de overige lidstaten waar, zover hem bekend is, de rechten van deelneming worden verhandeld.

Artikel 17b

1. Onze Minister deelt de beheerder die voornemens is de rechten van deelneming in een beleggingsinstelling door het vestigen van een bijkantoor in Nederland aan te bieden, binnen twee maanden nadat Onze Minister door het bevoegde gezag van de lidstaat van herkomst in kennis is gesteld van de vestiging van het bijkantoor en de voorgenomen activiteiten en diensten van de beheerder en de organisatiestructuur van het bijkantoor, het adres waar documenten kunnen worden opgevraagd en de namen van de bestuurders van het bijkantoor zijn ontvangen, de voorwaarden mee waaronder de werkzaamheden met het oog op een adequate werking van de financiële markten en de positie van de beleggers op die markten kunnen worden uitgeoefend.

2. De beheerder, bedoeld in het eerste lid, kan het bijkantoor in Nederland vestigen zodra hij daartoe een mededeling van Onze Minister heeft ontvangen of indien de in het eerste lid bedoelde termijn is verstreken, tenzij Onze Minister voordien heeft bekend gemaakt:

a. dat het voornemen als bedoeld in het eerste lid niet in overeenstemming is met de toepasselijke Nederlandse wettelijke bepalingen; of

b. dat de beoogde wijze van verhandeling in strijd is met wettelijke voorschriften die betrekking hebben op het niet door de richtlijn bestreken gebied.

Zakendoen met Rusland, Oekraine & Oost-Europa, Juridisch en Zakkelijk Advies
Adres:
Hogehilweg 19
1101 CB Amsterdam
The Netherlands
Tel:
+31 (0) 203 697 652
Fax:
+31 (0) 453 700 324
Top